MATERIAL HEAVEN
13 februari 2012 17:14
Haar liefde voor materialen vormt het begin van elk interieurontwerp. Ziet Roelfien Vos een mooie kleur of bijzondere stof, dan visualiseert zij ogenblikkelijk een eigen compositie.
Materialen moet je niet alleen zien, maar ook voelen, vindt Roelfien Vos. Daarom pakt zij in het Brabantse Kasteel Croy, de sprookjesachtige plek waar haar creaties ontstaan, flink uit. Tegen de hoge muren in de stalenkamer staan grote kasten met de mooiste collecties van internationale stoffenhuizen. Van haar allereerste liefde Ralph Lauren en William Yeoward tot en met Dominique Kiefer, Lizzo en Élitis. Met een lach: ‘Sommige stoffen vind ik zo bijzonder, dat ik er wel een avondjurk van zou willen maken.’ Roelfien kiest intuïtief, maar zorgvuldig. Merken als Tassinari, Fadini Borghi en Lelièvre gebruikt zij bijvoorbeeld graag in monumentale projecten. ‘Terwijl ik het meer modische Etro en Sonia Rykiel toepas in eigentijdse interieurs.’ De opdrachten variëren dan ook van historische panden of villa’s, zoals het voormalige woonhuis van Willem III en momenteel de herinrichting van de zaal “Selys de Fanson” van Chateau St. Gerlach, tot een villa in Aerdenhout en een bungalow in Zeeland.
In de stalenkamer valt zo veel te kijken dat het even duurt voordat ons oog de passementen gevonden heeft. Ze liggen op en onder de twee met leer bekleden materialentafels. ‘Ik word blij van passementen zoals kralen, parelmoer en veertjes. Maar ik kan ook intens genieten van de ruwe structuren van mooie objecten. Juist in de verrassende combinaties zoek ik het effect en in de juiste toepassing ervan. Stoere details zoals jute combineer ik bijvoorbeeld met taftzijde van het Spaanse Lizzo. Zie je die glans en poederachtige kleuren, zo mooi.’ ‘En kijk’, zegt Roelfien terwijl zij de paarse, glanzende stof omhoog tilt, ‘als je de zijde zo drapeert, heeft het een prachtige valling.’
Roelfien koos toen voor haar passie, maar als jong meisje durfde ze dat niet. ‘Op de lagere school maakte ik in de la van mijn schooltafel interieurtjes met spulletjes van mijn etui. Later, tijdens mijn pubertijd veranderde ik het liefst iedere maand mijn kamer. Ik schilderde zelf de muren en leerde van mijn moeder gordijnen maken. Ik droomde over een beroep als etaleur of decorateur. Maar mijn ouders raadden een ‘normale opleiding’ aan.’ Het werd de studie economisch-linguïstisch in Duitsland, waar Roelfien met haar ouders woonde. ‘Toch, als ik terugkijk, realiseer ik me dat het juist mijn ouders van wie ik de liefde voor materialen heb geërfd. Door hen heb ik oog gekregen voor mooie dingen. Mijn moeder ontwierp haar eigen kleding. Mijn vader werkte bij de luchtmacht en maakte de meest bijzondere creaties met hout en metaal. In zijn vrije tijd was hij een begenadigd amateurfotograaf. Hij had een eigen donkere kamer en experimenteerde veel, zoals dia-positief afdrukken.’
Haar allereerste opdracht was niet de minste: de totaalinrichting van een villa in Zuid-Frankrijk.
‘Natuurlijk vond ik het spannend. Ik heb alle materialen, meubilair, stoffering en afwerking op detailniveau ingetekend en gepresenteerd. Een huis kan nog zo mooi zijn, ik vind oprecht dat de mix van kleuren, materialen en stoffen het interieur maken. Zij vormen voor mij het begin van elk interieurontwerp. Ik probeer in de mix altijd te verrassen en tegelijk harmonie te creëren.’ Met prachtig toegepaste details, betovert zij de ruimten in een huis. ‘Ik liet in de villa in Frankrijk door ambachtslieden stempels en plafond- en muurschilderingen maken, afgeleid van een kleur, patroon of Toile du Jouy van een van de toegepaste stoffen.’ De villa viel zo in de smaak dat de heer en vrouw des huizes Roelfien vroegen de inrichting te completeren met terrassen en een tuin. Daarna stonden er nog een huis in Zwitserland en België en een jacht van deze familie op het programma.
verhuisde naar een groter pand in Stiphout. Toen ook dat een paar na een tijd te klein bleek, hoorde zij dat er in kasteel Croy ruimte vrijkwam, vlakbij haar eigen woonplaats. Croy is een vijftiende-eeuws kasteel met een gelijknamig landgoed in Aarle-Rixtel. Het is jaren bewoond door verschillende adellijke families. ‘Ik kende het kasteel, reed er regelmatig langs, en vond de uitstraling prachtig. Op een dag trok ik de stoute schoenen aan en stapte ik op de kasteelheer af. Na de toezegging dat de entree, ontvangsthal en torenkamer door ons als “showroom” ingericht konden worden, was de huur van het kantoor en de stoffenkamer snel rond. ‘Voor de muren koos ik voor een ingetogen goudtint. De lichtinval zette me op het spoor. De
andere kleur, aquamarijn, is afgeleid van de kleur blauw die in Frankrijk veel werd toegepast in het begin van de zeventiende eeuw. De Fransen waren één van de bewoners van Croy. Het meest geniet ik van kleurcombinaties waarbij je misschien in eerste instantie even twijfelt: vloekt het nou, of is het mooi? Die durf wil ik mijn handtekening laten zijn.’
Zes jaar na haar intrek in het kasteel, verlegt Roelfien opnieuw haar grenzen. Arjan, haar partner, en Roelfien, gaan privé en zakelijk ieder hun eigen weg. ‘Hij richt zich puur op zijn vak als interieurarchitect en ik blijf me focussen op de totaalinrichting van huizen en historische panden. We zijn goed uit elkaar gegaan; blijven zelfs samenwerken en een beroep doen op elkaars expertise. Ik hecht veel waarde aan goede communicatie en probeer altijd te voorkomen om in onmin met iemand te raken.’ Verheugd: ‘Er staan meteen weer nieuwe dingen op stapel. Met ingang van 1 maart ben ik partner geworden van de Bowers en Wilkens ID Lounge in Antwerpen. Pionieren blijf ik leuk vinden, ook internationaal. Ik heb het gevoel dat ik aan de vooravond sta van veel bijzondere ontwikkelingen. Ik hoop dat mensen over een paar jaar zeggen: “Als het echt mooi moet zijn, goed toegepast en met de juiste kleuren en materialen, moet je naar Roelfien Vos”.’
www.deblauwekamer.com
TEKST: Miluska van ’t Lam FOTOGRAFIE: Kasia Gatkowska FOTOSTYLING: Barbara Berends
In de stalenkamer valt zo veel te kijken dat het even duurt voordat ons oog de passementen gevonden heeft. Ze liggen op en onder de twee met leer bekleden materialentafels. ‘Ik word blij van passementen zoals kralen, parelmoer en veertjes. Maar ik kan ook intens genieten van de ruwe structuren van mooie objecten. Juist in de verrassende combinaties zoek ik het effect en in de juiste toepassing ervan. Stoere details zoals jute combineer ik bijvoorbeeld met taftzijde van het Spaanse Lizzo. Zie je die glans en poederachtige kleuren, zo mooi.’ ‘En kijk’, zegt Roelfien terwijl zij de paarse, glanzende stof omhoog tilt, ‘als je de zijde zo drapeert, heeft het een prachtige valling.’
Leren kijken
In de torenkamer, ingericht als werkkamer, zijn nog meer materialen -‘de echte klassiekers’- te vinden. Ze staan en liggen tussen de tientallen inspiratieboeken, collages, schetsen en interieurtekeningen. ‘Al deze verzamelingen vormen mijn inspiratie. Net zoals de natuur waardoor het kasteel wordt omgeven.’ Het is precies zes jaar geleden dat Roelfien in het vijftiende-eeuwse kasteel in Noord-Brabant trok, nadat zij in 2000 het roer rigoureus omgooide. Van de een op de andere dag besloot zij haar succesvolle carrière in de uitzendbranche opzij te zetten en haar hart te volgen. ‘Ik maakte een verdrietige tijd door. Mijn oudste dochter Pien was net anderhalf toen er een complexe stofwisselingsziekte bij haar geconstateerd werd. Ineens worden de dingen dan heel helder.’Roelfien koos toen voor haar passie, maar als jong meisje durfde ze dat niet. ‘Op de lagere school maakte ik in de la van mijn schooltafel interieurtjes met spulletjes van mijn etui. Later, tijdens mijn pubertijd veranderde ik het liefst iedere maand mijn kamer. Ik schilderde zelf de muren en leerde van mijn moeder gordijnen maken. Ik droomde over een beroep als etaleur of decorateur. Maar mijn ouders raadden een ‘normale opleiding’ aan.’ Het werd de studie economisch-linguïstisch in Duitsland, waar Roelfien met haar ouders woonde. ‘Toch, als ik terugkijk, realiseer ik me dat het juist mijn ouders van wie ik de liefde voor materialen heb geërfd. Door hen heb ik oog gekregen voor mooie dingen. Mijn moeder ontwierp haar eigen kleding. Mijn vader werkte bij de luchtmacht en maakte de meest bijzondere creaties met hout en metaal. In zijn vrije tijd was hij een begenadigd amateurfotograaf. Hij had een eigen donkere kamer en experimenteerde veel, zoals dia-positief afdrukken.’
Frans debuut
Na haar opleiding verhuisde Roelfien naar Nederland. ‘Ik kon aan de slag bij een uitzendbureau.’ Al snel groeide zij door naar de functie van office manager en uiteindelijk zelfs manager van een grote regio. ‘Ik ben een streber. Als ik iets doe, wil ik het ook goed doen.’ Met dezelfde mentaliteit begon zij in 2000 aan haar droom. ‘Ik zegde mijn baan op en ging als stagiaire werken bij een interieurbouwbedrijf. Daar wilde ik het vak van interior designer leren. Ik kwam er interieur-architect Arjan Hogers tegen, die me verder inwijdde in de wereld van design en interieurs. Zelf volgde ik allerlei korte opleidingen over kleurleer en de eigenschappen van stoffen.’ Al tijdens haar stage begon Roelfien meteen voor zichzelf, met Arjan als partner in crime. Ik richtte in huis de kamer boven de garage in als werkruimte, die ik vanwege de vele blauwe muren gekscherend ‘de blauwe kamer’ noemde. De naam voelde zo goed, dat het mijn bedrijfsnaam werd.’Haar allereerste opdracht was niet de minste: de totaalinrichting van een villa in Zuid-Frankrijk.
‘Natuurlijk vond ik het spannend. Ik heb alle materialen, meubilair, stoffering en afwerking op detailniveau ingetekend en gepresenteerd. Een huis kan nog zo mooi zijn, ik vind oprecht dat de mix van kleuren, materialen en stoffen het interieur maken. Zij vormen voor mij het begin van elk interieurontwerp. Ik probeer in de mix altijd te verrassen en tegelijk harmonie te creëren.’ Met prachtig toegepaste details, betovert zij de ruimten in een huis. ‘Ik liet in de villa in Frankrijk door ambachtslieden stempels en plafond- en muurschilderingen maken, afgeleid van een kleur, patroon of Toile du Jouy van een van de toegepaste stoffen.’ De villa viel zo in de smaak dat de heer en vrouw des huizes Roelfien vroegen de inrichting te completeren met terrassen en een tuin. Daarna stonden er nog een huis in Zwitserland en België en een jacht van deze familie op het programma.
Kasteelvrouw
De opdrachten namen zo’n vlucht, dat Roelfien met haar bureau, en inmiddels ook dat van Arjan,verhuisde naar een groter pand in Stiphout. Toen ook dat een paar na een tijd te klein bleek, hoorde zij dat er in kasteel Croy ruimte vrijkwam, vlakbij haar eigen woonplaats. Croy is een vijftiende-eeuws kasteel met een gelijknamig landgoed in Aarle-Rixtel. Het is jaren bewoond door verschillende adellijke families. ‘Ik kende het kasteel, reed er regelmatig langs, en vond de uitstraling prachtig. Op een dag trok ik de stoute schoenen aan en stapte ik op de kasteelheer af. Na de toezegging dat de entree, ontvangsthal en torenkamer door ons als “showroom” ingericht konden worden, was de huur van het kantoor en de stoffenkamer snel rond. ‘Voor de muren koos ik voor een ingetogen goudtint. De lichtinval zette me op het spoor. De
andere kleur, aquamarijn, is afgeleid van de kleur blauw die in Frankrijk veel werd toegepast in het begin van de zeventiende eeuw. De Fransen waren één van de bewoners van Croy. Het meest geniet ik van kleurcombinaties waarbij je misschien in eerste instantie even twijfelt: vloekt het nou, of is het mooi? Die durf wil ik mijn handtekening laten zijn.’
Zes jaar na haar intrek in het kasteel, verlegt Roelfien opnieuw haar grenzen. Arjan, haar partner, en Roelfien, gaan privé en zakelijk ieder hun eigen weg. ‘Hij richt zich puur op zijn vak als interieurarchitect en ik blijf me focussen op de totaalinrichting van huizen en historische panden. We zijn goed uit elkaar gegaan; blijven zelfs samenwerken en een beroep doen op elkaars expertise. Ik hecht veel waarde aan goede communicatie en probeer altijd te voorkomen om in onmin met iemand te raken.’ Verheugd: ‘Er staan meteen weer nieuwe dingen op stapel. Met ingang van 1 maart ben ik partner geworden van de Bowers en Wilkens ID Lounge in Antwerpen. Pionieren blijf ik leuk vinden, ook internationaal. Ik heb het gevoel dat ik aan de vooravond sta van veel bijzondere ontwikkelingen. Ik hoop dat mensen over een paar jaar zeggen: “Als het echt mooi moet zijn, goed toegepast en met de juiste kleuren en materialen, moet je naar Roelfien Vos”.’
www.deblauwekamer.com
TEKST: Miluska van ’t Lam FOTOGRAFIE: Kasia Gatkowska FOTOSTYLING: Barbara Berends
Beoordeling: 10
(1 beoordelingen)
Agenda highlights
03-05-12
MENEER VISSER
03-05-12
EVEN BINNEN LOPEN
03-05-12
TE GAST
03-05-12
ALI WEIWEI
03-05-12
EYECATCHER



