21 januari 2014

Art deco

File no. 2

Art deco
Waar komen de grote interieurstijlen vandaan? Residence geeft een lesje kunstgeschiedenis. Dit keer art deco. Wie wegdroomt bij zwart-wit films uit de jaren twintig, houdt van art deco. Het was de tijd van rokkostuums, cocktails, oceaanstomers en mannen die de deur nog openhielden voor vrouwen.

Lees ook over de andere interieurstijlen in The Style Files.

Tik bij Google ‘Hercule Poirot’ in en u vindt bloggers van Amerika tot Albanië, idolaat van Agatha Christie’s boeken over de Belgische detective. Maar de wereld bleek net zo dol op de gelijknamige tv-serie, met David Suchet in de hoofdrol. Niks ten nadele van de acteerprestaties van Suchet en collega’s uiteraard, maar het succes van de serie zat ‘m vast ook in de geweldige aankleding: art deco in optima forma. Zo stijlvol, zo simpel en tegelijk zo elegant, het is haast onmogelijk om art deco lelijk te vinden. Vreemd dus, dat een stijl die in de jaren twintig en dertig razend populair, invloedrijk en wereldwijd verspreid was, decennialang naamloos bleef.



In 1966 is er een tentoonstelling in Parijs, Les Années 25, die als ondertitel Art Deco meekrijgt en verwijst naar de Exposition Internationale des Arts Décoratifs et Industriels Modernes in 1925, ook in Parijs. De Britse kunstcriticus Bevis Hillier schrijft in 1968 een boek, hanteert daarin die term ‘art deco’ en pas dan heeft de stijl echt een naam. Voorbeelden van art deco architectuur zijn in alle uithoeken van de wereld te bewonderen, van China tot Colombia. Eén van de meest aansprekende is het Chrysler Building in New York, gebouwd in 1928-1930. Treffend zijn altijd de mathematische, geometrische vormen, vaak herleidbaar tot dezelfde inspiratiebronnen als die van de art nouveau. De twee stijlen volgden elkaar op en lijken op het eerste gezicht totaal tegengesteld. Maar wie goed kijkt ziet in beide stijlen florale motieven: in de art nouveau vloeiend, losjes en natuurlijk, in de art deco teruggebracht tot een strak lijnenspel. Ook een Egyptische invloed is zichtbaar in de art deco, met dank aan een opeenvolging van opgravingen waaronder die van de Toetanchamon-tombe door Howard Carter in 1922. Het gebruik van industriële materialen als aluminium, rvs, bakeliet en chroom in het interieur van de jaren ’20 wordt ingegeven door de opkomst van de auto, het vliegtuig en de grote oceaanstomers. Luxe is het trefwoord, met glanzende tropische houtsoorten, facetspiegels, exotische roggenhuid en zebravellen. Kleding, sieraden, radio’s, aanplakbiljetten, huisnummers, serviezen, bestek, liftdeuren, badkamers en meubels. U kunt het zo gek niet verzinnen of het was er in die kenmerkende art deco stijl, met zijn chevronpatronen, zigguratvormen en zonnestralen. Dankzij voortschrijdende massaproductie en (goedkope) kunststoffen, kwam de stijl ook nog eens binnen ieders hand-bereik. Bioscoopbezoek was razend populair indertijd. Op het witte doek kwam de art deco glamour voorbij, met Hollywood-interieurs waarin in negligé en pompom-muiltjes gehulde beauties als Greta Garbo, Carole Lombard, Marlene Dietrich en Joan Crawford verleidelijke blikken wierpen richting Clark Gable in rokkostuum. Economisch gezien waren het bepaald geen riante tijden, zeker niet na de beurskrach van 1929, de eerste crash met wereldwijde, catastrofale gevolgen. Maar juist in barre tijden lijkt de behoefte aan glamour toe te nemen. Misschien is daarmee anno 2012 ook de populariteit van de recente, Franse film The Artist deels verklaard? Toen de cast van de silent movie eerder dit jaar maar liefst vijf Oscars in ontvangst nam, leek het of de Roaring Twenties weer tot leven waren gekomen: de dames in vintage gala, de heren in scherpe smoking met lakschoenen. Zelfs hondje Uggie was zwart gevlinderstrikt. Ook in het interieur is art deco bezig aan een opmars, kijk maar naar designers als Barbara Barry, Christopher Guy en Thomas Pheasant. Hun ontwerpen zijn uiteraard geen regelrechte kopieën en het kleurgebruik – veel wit, zwart en bruin – wijkt af van het origineel. Want dat vertellen die zwart-wit films u niet: de vormgeving van de jaren twintig mag dan prachtig geweest zijn, de kleuren waren dat niet altijd. Originele interieurs tonen oker van het type ‘nicotine-aanslag’, groen van het soort ‘zeeziek’ en bruin in de tint ‘bah, Ome Willem!’. Ach, uw eigen pasfoto is meestal ook mooier in zwart-wit.

Lees ook over de andere interieurstijlen in The Style Files.

Tekst: Simone van Heiningen
Illustratie: James Dignan

Zoek uw toplocatie

Direct naar woning

BLARICUM
€ 2.997.500 k.k.
1/6
GROEDE
€ 2.595.000 k.k.
2/6
AMSTERDAM
€ 4.500.000 k.k.
3/6
DOORN
€ 2.675.000 k.k.
4/6
WARMOND
€ 2.940.000 k.k.
5/6
Kapellen
€ 3.650.000 k.k.
6/6

Nu in Residence

IN RESIDENCE #5/6
  • floral Deco
  • Salone del Mobile Milano
  • De buiten kamer
  • Bloemen in het interieur

Meest bekeken

Vlaardingen
€ 1.985.000
1/5
ROOSTEREN
€ 5.900.000
2/5
Mol
€ 999.990
3/5
ZANDVOORT
€ 3.950.000
4/5
FRANKRIJK
€ 500.000
5/5

Nieuw aanbod

Kennemerweg 1
ZANDVOORT
€ 3.950.000 k.k.
Weg naar As 32
Genk
€ 1.289.000 k.k.