De zomer is de perfecte tijd om buiten te genieten van je terras of tuin. Maar om echt van deze ruimtes te kunnen genieten, is goede buitenverlichting essentieel. Hier zijn enkele do's en don'ts voor het verlichten van je buitenruimte in de zomer.
Wandlampen, grondspots, hanglampen en tuinpalen hebben elk hun eigen functie. Wandlampen accentueren architectuur en gevels, grondspots geleiden beweging langs paden. Een slimme mix van lichtbronnen op verschillende hoogtes zorgt voor diepte, een techniek die interieurarchitecten 'layered lighting' noemen.
Meer licht is niet beter. Lichtarchitecten hanteren de vuistregel: verlicht wat je wilt zien, niet alles wat je kunt zien. Te veel lichtpunten creëren visuele onrust en tasten bovendien de nachtrust aan, blauw en wit licht onderdrukt namelijk de aanmaak van melatonine.
Dimbare verlichting is geen luxe maar een must. Onderzoek toont aan dat mensen in gedimde omgevingen letterlijk relaxter worden: de hartslag vertraagt en de spierspanning neemt af. Investeer dus in een dimmer, ook buiten.
LED-verlichting in een kleurtemperatuur van 2700K tot 3000K bootst het gouden uur na en is wetenschappelijk bewezen het meest ontspannend voor het oog. Koel wit licht (5000K+) activeert juist. Prima als je 's avonds in de tuin wilt werken, maar voor sfeer kun je beter voor iets warmer gaan.
Richt licht naar beneden waar mogelijk. Dit voorkomt lichtvervuiling en is vriendelijker voor insecten, die sterk aangetrokken worden door opwaarts gericht licht.
Residence kan commissie verdienen met links op deze pagina, uiteraard selecteren wij alleen producten die wij zelf ook fantastisch vinden. Lees hier hoe dat werkt.
Schrijf je hier in voor onze nieuwsbrief.